Kwaliteit en diepgang gevraagd

Kwaliteit en diepgang gevraagd

Door Ad van Nieuwpoort

Nog niet zo lang geleden schreef Anna Enquist in het Dagblad Trouw over de toenemende hang naar oppervlakkigheid die vandaag op vele fronten te bespeuren is. In ons digitale leven worden wij overspoeld met informatie en daardoor gedwongen om oppervlakkige generalisten te worden. Ook de Italiaanse filosoof  Floridi beschrijft dit overtuigend. Volgens hem is ons brein nu al zo gevormd door de 'twittercultuur' dat wij nauwelijks meer in staat blijken een behoorlijke zin in goede literatuur van het begin tot het einde toe geconcentreerd te lezen. Floridi betrapt zich er zelf op dat hij hoppend door de zinnen van Herman Hesse gaat en de concentratie niet meer op kan brengen om zijn teksten rustig te lezen. Dit heeft niet alleen een grote oppervlakkigheid tot gevolg, maar ook een continue staat van vermoeidheid, zo schrijft de mediatheoreticus Han in zijn essay De vermoeide samenleving.

Dat vluchtige, digitale leven van ons eist met andere woorden zijn tol. We zijn beducht geworden voor diepgang, misschien wel uit vrees voor wat reflectie allemaal in ons naar boven zou kunnen halen. Dat we op de stille momenten meteen naar onze telefoon grijpen is hier misschien wel een teken van. We zoeken de voortdurende afleiding om maar niet geconfronteerd te worden met onze eigen leegte, onze kwetsbaarheid en onze vragen. Dit doet niet alleen wat met ons brein, maar ook met onze mentaliteit. Belangrijke beslissingen nemen we in versneld tempo vanwege een innerlijke druk. Je merkt dat aan de kwaliteit van onze huidige politiek die zich vooral door de waan van de dag laat leiden. Maar wat dacht u van de redacties van kranten en nieuwsprogramma's? Wie verklaart waarom die gruwelijke aanslag op de Universiteit van Garissa in Kenia op pagina drie van mijn krant belandde, in schril contrast met de berichtgeving over de aanslagen in Parijs? Wat gaat in de hoofden van zo'n redactie om? Wat is bepalend voor zo'n beslissing? Is dat misschien ook dat vluchtige brein dat louter op de belangstelling van de meerderheid gokt?

Wat doen wij als eeuwenoude kerk hiermee? Welke rol zouden wij in dit tijdsgewricht kunnen spelen? Of zijn wij alleen maar bezig om bij dit levensgevoel aan te sluiten? Om de boot maar niet te missen? Een 'bijbel in gewone taal' voor de man in de straat die niet meer zou  kunnen lezen? Een Passion-event om een miljoenenpubliek mee te kunnen scoren? Is dat wat we doen? Alleen al de mindfulnesscentra die als paddestoelen uit de grond schieten, geven er blijk van dat er eerder een behoefte is aan plaatsen die zich niet laten domineren door de waan van de dag. Ik merk dat zelf in ons dorp:  hoezeer dat kerkje uit 1636 juist daardoor een geheel nieuwe aantrekkingskracht krijgt. Een huis dat erop wijst dat er vóór ons ook al mensen op zoek waren naar zin en bezield verband. De gastenverblijven van kloosters kunnen de aanloop nauwelijks aan. Er is juist in deze gestresste tijd geen behoefte om op zondag weer naar zo'n beamerscherm te kijken, maar eerder om gewoon weer eens even te leren stil te zijn. Bij de hand te worden genomen om te leren luisteren naar goede, kwalitatieve teksten die appelleren aan een ander leven dan dat leven waar we zo ongelofelijk moe van worden met z'n allen. In tegenstelling tot de marketingstrategieën moet de kerk niet eindeloos willen afdalen naar de tot consument gemaakte mens, maar zou zij op gezag van haar Herder eerder mensen weer op hun benen moeten durven zetten. Opdat ze het weer gaan wagen met de woorden die je wegtrekken bij de oppervlakte om je brengen in een wereld waarin menselijkheid de maatstaf is.

Ad van Nieuwpoort   

Terug naar overzicht…