Nieuw programma van Aart Mak

Nieuw programma van Aart Mak

Door Radio Bloemendaal

Op radio Bloemendaal is vanaf september elke zondag om 12:45 een nieuw programma te beluisteren "In de marge".

Elke zondag vraagt Aart Mak aandacht voor een of meer van die boeken en boekjes die nooit in de Bijbel zijn terecht gekomen. Dat is een heel verhaal. Maar eerst wat er in die eerste eeuwen van onze jaartelling gebeurd is. Want in die tijd ontstond het christendom. En die ontstaansgeschiedenis is razend interessant. Hoe hebben de verhalen over Jezus wortel geschoten in die Grieks-Romeinse cultuur? Hoe kan het dat een vervolgde godsdienst, denk aan de Romeinse arena’s, de martelaren, een drie eeuwen later tot toegestane godsdienst en nog weer een halve eeuw later tot staatsgodsdienst kon worden? Kun je daarvan leren in deze tijd waarin het christelijk geloof niet meer vanzelfsprekend is  of in elk geval een geloof te midden van vele is? En waarom zijn sommige evangeliën officieel tot de bijbel gaan behoren en zijn andere, van Thomas, van Maria, van Filippus, afgevallen in de selectie? Selectie? Was het wel een selectie of was het een machtsbesluit van een keizer? Zo zijn er talloze vragen en die gaat Aart Mak in de loop van de komende maanden stap voor stap langs. In De Marge heeft Aart dit programma genoemd. Omdat het gaat om wat zich aan de rand afspeelt. Maar u weet, wat zich aan de rand afspeelt, kan wel eens veel interessanter en leerzamer zijn dan alsmaar herhalen wat al bekend is. Door de omwegen leer je de weg kennen.

U moet zich voorstellen dat de tijd waarin het jonge christendom ontstond, eerst nog Jeruzalem, al gauw Antiochië, later het gebied van het huidige Turkije, Griekenland, maar ook Alexandrië in Egypte en uiteraard Rome, gekenmerkt werd door een grote veelvormigheid, ook religieus. De kracht van het Romeinse bestuur was om veel toe te staan en zich aan te passen aan heersende religies en opvattingen. Maar in die veelvormigheid was toch een grote dragende gedachte, je zou het een filosofisch paradigma kunnen noemen. Dat was de gedachte dat de echte wereld niet deze wereld was. Dit ondermaanse is een soort schijnwereld. Een mens zit eindelijk gevangen in zijn lichaam. Als hij z’n best doet, kan hij erachter komen wie hij echt is en ook hoe het leven echt in elkaar zit. En daar zorgde de godsdiensten voor, met name de in die tijd veelvuldig voorkomende mysteriegodsdiensten. Via soms ingewikkelde rituelen, drankjes, nachtelijke danspartijen probeerde de mens die daaraan deelnam, zich te bevrijden van alle aardse beperkingen, inclusief de angst voor de dood. De eeuwen eerder overleden Griekse filosoof Plato had eigenlijk die toon gezet. Bij hem is dat beroemde verhaal te vinden van mensen in een grot die in het vuur staren en denken dat dit het leven is. Maar, schrijft hij, we beseffen niet dat er een buitenwereld is, met zonlicht en ruimte. En het gaat erom dat wij dit wel gaan beseffen en ons geestelijk vrijmaken van aardse beperkingen, uiteindelijk door te sterven, maar al eerder door als het ware ons te laten verlichten door deze kennis.

In die wereld begon het verhaal van Jezus rond te zingen. Die als vele anderen – zo ongewoon was dat niet in die tijd – anderen genas en als een leraar met volgelingen rondtrok. Maar Jezus was joods. En dat was in zekere zin wel een probleem. Want joden hadden, op een paar uitzonderingen na, niet zoveel met een onzichtbare wereld. Zij hadden van hun profeten geleerd dat je hier op aarde God kon ontmoeten in het liefhebben van je naaste en het rechtbuigen van wat krom was. Ze vonden dat de keizer in Rome geen zoon van god was, gingen dus niet voor hem op de knieën, hadden het alsmaar over een Messias die nog moest komen en wilden zich maar niet aanpassen aan andere volken en hun gewoonten om hen heen. En in dat volk zou dan iemand hebben rondgelopen die door zijn volgelingen wel Messias werd genoemd, werd omarmd en later verstoten, en die, ondanks zijn dood, de oorzaak was van een  nieuwe beweging die aanvankelijk nog als een joodse sekte werd gezien maar al gauw veel meer dan dat bleek te zijn. Wat was hier aan de hand?

Terwijl die christelijke beweging uitdijde, met name in de steden van het Romeinse rijk (vandaar de naam heidenen, dat waren de niet-christenen van het platteland), reageerde het Romeinse rijk de eerste eeuwen tamelijk bruut op dit nieuwe. Deze beweging van Jezus was niet meer lokaal en ongevaarlijk, maar bracht mensen voort die zich niets aantrokken van bestaande rangen en standen. Het was voor heersers als de keizers Nero en Domitianus een ongrijpbaar geloof. Tegelijk was de kerk in die eerste eeuwen nog geen kerk zoals later, georganiseerd, met een centraal gezag. Later kreeg de bisschop van Rome wel enig gezag omdat hij in de hoofdstad van het rijk resideerde, maar in de eerste twee- driehonderd jaar waren het gemeenschappen her en der, die werkten met de toenmalige communicatie van boodschappers en brieven, zoals je in het Nieuwe Testament al kunt lezen. En door allerlei ontdekkingen, vooral van de Nag Hammadi geschriften, blijkt vooral de enorme diversiteit die er bestond tussen die christelijke gemeenten. Sommige waren bijna joods, andere waren vrij, mystiek. Sommige hielden zich streng aan de zogenaamde oorspronkelijke woorden van Jezus en de apostelen, andere werkte met nieuwe openbaringen en ingevingen. Bij sommige gemeenten een strenge hiërarchie, bij andere vrije opvattingen over het man- en vrouw-zijn. De kerkvaders, een soort denkers en schrijvers van de vroege kerk, denk aan Clemens, Polycarpus, Irenaeus, Tertullianus, en Origenes – de vroege kerkvaders – probeerden enige orde en wijsheid in dit bonte geheel aan te brengen. Maar er waren en bleven grote verschillen in leefstijl en ook in de leer…

Een van de belangrijkste vragen was steeds weer: wie was Jezus nou? Wie was hij nu echt? Mens of God? Of allebei? En wat was de bedoeling van zijn leven op aarde? Om ons te verlossen? Of om ons wijzer te maken, te verlichten? En als hij kwam om ons te verlossen, waarvan dan? Van onze zonde? Maar wat is dan zonde? Dat wij hier zijn, hier op aarde? Of dat wij verkeerde keuze maken en het kwaad toelaten? Pas later in de geschiedenis van de christelijke kerk die aanvankelijk nog geen kerk was, zie je dat op deze en andere vragen steeds meer eenduidige antwoorden werden gegeven. Maar eerst nog niet. En uit die tijd van de grote diversiteit stammen die geschriften zoals het Tomas Evangelie. De volgende keer meer…

Terug naar overzicht…